Cv voor een fysiotherapeut

Voor een fysiotherapeut zijn registratie (BIG/KNGF), specialisaties en je behandelaanpak bepalend. Toon patiëntgerichtheid met voorbeelden.

Een cv voor een fysiotherapeut opent met je BIG-registratie en KNGF-lidmaatschap, gevolgd door specialisaties zoals manuele, sport- of geriatriefysiotherapie. Noem de patiëntengroepen en de setting waarin je werkte (praktijk, ziekenhuis, revalidatie) en beschrijf je behandelaanpak concreet.

Wat zet je op een cv voor een fysiotherapeut?

  • Vermeld je BIG-registratie en KNGF-lidmaatschap.
  • Benoem specialisaties (manueel, sport, geriatrie) en doelgroepen.
  • Laat zien dat je behandelplannen opstelt en resultaat boekt.
  • Benadruk communicatie en het motiveren van patiënten.

Welke vaardigheden verwacht een werkgever?

Veelgevraagd voor deze functie — neem op wat op jou van toepassing is:

  • BIG-registratie
  • Behandelplannen
  • Patiëntgericht
  • Specialisatie
  • Communicatief

Welke registraties horen op een fysiotherapie-cv?

Fysiotherapeut is een beschermd beroep, dus je BIG-registratie is het eerste wat een werkgever controleert. Daarnaast bepaalt je kwaliteitsregister of een praktijk met jou aan de contracteisen van zorgverzekeraars voldoet. Dat is geen formaliteit maar een financieel belang voor de praktijk — zet het dus bovenaan en compleet.

  • Noem je BIG-nummer en de geldigheid van je registratie.
  • Vermeld in welk kwaliteitsregister je staat: het Kwaliteitsregister Fysiotherapie NL of het Keurmerk Fysiotherapie.
  • Sta je in een specialistenregister (manueel, sport, geriatrie, kinder, bekken)? Zet dat er apart bij, met het jaar van inschrijving.
  • Ben je DTF-geschoold en bevoegd om zonder verwijzing te screenen? Noem het expliciet.

Hoe beschrijf je je behandelaanpak concreet?

'Patiëntgericht werken' staat op elk cv in de zorg. Wat je onderscheidt is hoe je tot een behandelplan komt en waarop je het bijstuurt. Beschrijf je klinisch redeneren en de meetinstrumenten die je gebruikt; dat laat zien dat je resultaat objectiveert in plaats van op gevoel behandelt.

  • Noem de meetinstrumenten waarmee je werkt en waarvoor je ze inzet.
  • Beschrijf hoe je doelen met de patiënt afstemt en de voortgang evalueert.
  • Vermeld je ervaring met richtlijnen en met verslaglegging in een elektronisch patiëntendossier.
  • Werk je met oefentherapie op afstand of een app, benoem dat — steeds meer praktijken zetten daarop in.

Hoe laat je zien dat je past bij het type praktijk?

Een eerstelijnspraktijk, een revalidatiecentrum en een ziekenhuis vragen elk iets anders. In de eerste lijn tellen tempo, zelfstandigheid en het opbouwen van een eigen patiëntenbestand; in de tweede lijn multidisciplinair werken en complexe casuïstiek. Stem je cv daarop af in plaats van één versie overal heen te sturen.

  • Noem de setting per functie: eerstelijnspraktijk, ziekenhuis, revalidatiecentrum, verpleeghuis, sportvereniging, bedrijfsfysiotherapie.
  • Geef een indicatie van je caseload en het aantal behandelingen per dag.
  • Benoem multidisciplinaire samenwerking met huisartsen, specialisten, ergotherapeuten of diëtisten.
  • Heb je meegewerkt aan praktijkontwikkeling, stagebegeleiding of kwaliteitsprojecten? Dat onderscheidt je van een puur uitvoerende collega.

Veelgestelde vragen

Moet ik mijn BIG-nummer op mijn cv zetten?
Dat is gebruikelijk en handig: het register is openbaar, dus je deelt geen gevoelige informatie en de werkgever kan direct verifiëren. Zet het bij je persoonsgegevens of boven je opleidingen.
Ik ben net afgestudeerd fysiotherapeut. Wat zet ik op mijn cv?
Je stages, met de setting en de patiëntengroepen die je daar zag. Dat is je werkervaring. Noem je afstudeeronderzoek als het inhoudelijk raakt aan de functie, en wees duidelijk over je registratiestatus en je bereidheid je te specialiseren.
Hoe belangrijk zijn specialisaties voor mijn kansen?
Ze maken je gerichter inzetbaar en vergroten je waarde voor een praktijk, zeker manuele en sportfysiotherapie. Heb je er nog geen, benoem dan welke richting je op wilt en waarom — dat leest als ambitie, niet als tekort.
Ik wil van loondienst naar een eigen praktijk. Wat pas ik aan?
Voeg toe wat er buiten het behandelen bij komt kijken: patiëntenbinding, afspraken met verzekeraars, verslaglegging en administratie, samenwerken met verwijzers. Laat zien dat je het ondernemersdeel begrijpt, niet alleen het vakinhoudelijke.